Het project is gestart op 1 juli 2008.
Het projectteam bestaat uit 27 betrokken partijen uit 12 Europese Unie (EU) landen. Dit zijn (in alfabetische volgorde):
EpSOS wordt gecoördineerd door de ‘Swedisch Association of Local Authorities and Regions (SALAR)’ uit Zweden.
Er is in totaal een bedrag van 22 miljoen euro aan het project toegewezen, waarvan 50 procent wordt medegefinancierd door de EU. De betrokken partijen zijn overeengekomen een samenwerkende coördinatiestructuur en benodigde activiteiten te financieren, hiermee wordt de effectieve EU-financiering met 40 procent verlaagd.
De nationale autoriteiten (ministeries van Volksgezondheid) van sommige landen ondersteunen het project met niet-gefinancierde manuren.
De projectpartners voelen een sterke betrokkenheid bij het ontwikkelen van oplossingen en diensten die voordelig zijn voor zowel alle 27 EU-lidstaten als andere geïnteresseerde landen binnen Europa en de rest van de wereld.
Elke lidstaat is verantwoordelijk voor op zijn minst één werkpakket en zal worden ondersteund door de andere deelnemers om tot een geslaagde afronding van een dergelijk pakket te komen. Lokale ministeries, expertisecentra en talrijke industriële partners werken als een team samen om met geschikte oplossingen te komen voor Europese patiënten.
Nee, epSOS is een zogenaamd Information & Communication Technology Policy Support Project (ICT PSP), waarlangs de bestaande technische oplossingen grensoverschrijdend communiceren en wederkerig opereren.
De belangrijkste doelstellingen voor Europese inwoners zijn:
Aanbevelingen, technische specificaties, systeembeschrijvingen, organisatiemodellen, software, software tools, etc. die zijn gericht op het verbeteren van de interoperabiliteit op multinationaal niveau.
Daarnaast vinden implementaties van pilots in verschillende regio’s plaats.
De projectpartners en het
CALLIOPE netwerk zorgen voor de verspreiding van de resultaten naar zowel alle Europese lidstaten als de niet EU-landen. Iedereen die geïnteresseerd is, krijgt gratis toegang tot de resultaten.
Nee, epSOS is geen health card project. Wel zijn er health card infrastructuur en communicatiesystemen geïntegreerd in het project. Bovendien wordt de know-how die eerder is opgedaan in health card- of gelijkwaardige projecten opgenomen in de resultaten.
Ja. Een van de belangrijkste voorwaarden van het project is de waarborging van de bescherming van alle medische dossiers en – te allen tijde – te voldoen aan zowel de EU-wetgeving als alle nationale wetgeving inzake gegevensbescherming standaarden.
Het project heeft een sterke technische focus, maar richt zich ook op vraagstukken op het gebied van semantische- en juridische interoperabiliteit. De interoperabiliteit van verschillende technische omgevingen, wat niet alleen een kwestie is van grensoverschrijdende communicatie, vormt de grootste uitdaging. Echter, in de testfase zal concrete interoperabele data beschikbaar zijn, wat een speciale focus op inhoud en semantiek vereist. De vraag over de organisatie en financiering van een nationaal zorgstelsel is minder belangrijk voor het project. Aangelegenheden met betrekking tot grensoverschrijdende restitutie zijn geen onderdeel (van de taak) van het project.
Aangezien alle Europese zorgstelsels voor dezelfde uitdagingen staan, zal nauwere grensoverschrijdende samenwerking bijdragen aan het bereiken van een efficiëntere structuur van gezondheidsdiensten. Het aantal mobiele patiënten dat medische behandeling verwacht in EU-lidstaten, anders dan hun woonplaats, wordt steeds groter. Het gemeenschappelijk gebruik van informatietechnologie zal de beschikbaarheid en kwaliteit van behandeling voor deze patiënten verhogen.